"De European Green Deal wordt niet uitgekleed"
"Europa worstelt met zijn klimaatbeleid. Wat is de Green Deal nog waard?" titelde De Standaard deze zomer.
"Meer dan ooit tevoren wordt de groene agenda in twijfel getrokken”, schrijft Ribera, de Spaanse vicevoorzitter van de Europese Commissie die samen met de Nederlandse Eurocommissaris Wopke Hoekstra het Europese klimaatbeleid aanstuurt. In het Amerika van Donald Trump gebeurt dat met de sloophamer, maar ook in Europa werd de jongste maanden heel wat klimaatwetgeving herzien of uitgesteld.
Jos Delbeke countert.
Afgelopen zomer legde de Commissie een voorstel op tafel om de uitstoot van broeikasgassen in Europa tegen 2040 met 90 procent te doen dalen tegenover 1990. Ngo’s zoals Climate Action Network en WWF uitten meteen de kritiek dat er te veel “mazen in het voorstel” zitten, zoals het grotere gebruik van koolstofkredieten. Een week eerder was er volgens Politico in Brussel “een politieke clusterbom” ontploft, nadat een Commissie-woordvoerder had geopperd dat Brussel een wetsvoorstel wil intrekken om greenwashing tegen te gaan (een product duurzamer voorstellen dan het is).
Dat zo’n uitspraak over een mogelijke terugtrekking van een relatief onbelangrijke wet de gemoederen zo hoog deed oplaaien – de liberale fractie waarschuwde voor “een institutionele crisis” – was deels te verklaren door de groeiende frustratie (vooral bij linkse partijen) over hoe belangrijke klimaatwetgeving de afgelopen maanden werd afgezwakt en/of uitgesteld.
De Green Deal, het grote klimaatpakket dat de Europese Commissie in 2019 in de steigers zette om Europa tegen 2050 klimaatneutraal te maken, ligt daarbij steeds meer onder vuur. Sommige rechts-conservatieve politici en vooral radicaal-rechtse partijen, die winst hebben geboekt bij de Europese verkiezingen vorig jaar, voeren die liefst zo snel mogelijk af. Maar ook binnen de Europese Volkspartij (EVP), waartoe ook Commissievoorzitter Ursula von der Leyen behoort, groeit het verzet. Zes jaar geleden noemde Von der Leyen de Green Deal nog Europa’s “man-op-de-maanmoment”, en de belangrijkste leidraad voor haar eerste ambtstermijn. Maar vandaag krijgt de Duitse steeds vaker het verwijt dat ze haar eigen paradepaardje al amputeert.

“Ander tijdsgewricht”
Dat de Green Deal wordt uitgekleed, komt niet uit de mond van Jos Delbeke, jarenlang directeur-generaal Klimaat bij de Europese Commissie en vandaag docent aan het European University Institute in Firenze. “Er zit veel overdrijving in het debat”, zegt hij. “De Commissie houdt nog steeds vast aan de doelstelling om tegen 2050 klimaatneutraal te zijn. Als we kijken naar de feiten, dan zie je dat de CO2-uitstoot vorig jaar in alle sectoren is gedaald. De implementatie van de Green Deal is bezig.”
Maar dat de politieke tegenbeweging kracht heeft gewonnen, verbaast hem niet. “Zes jaar geleden zaten we in een totaal ander tijdsgewricht”, zegt hij. Klimaatmarsen trokken nog duizenden jongeren en groene partijen hadden bij de verkiezingen historisch hoge scores gehaald, toen Von der Leyen en haar vicevoorzitter Frans Timmermans hun grote klimaatplan voorstelden. Er was nog geen sprake van covid of oorlog in Oekraïne.
Vandaag is de stemming anders. De oorlog en het wegvallen van goedkoop Russisch gas deden de energieprijzen exploderen en joegen de inflatie aan. De hevige boerenprotesten in 2023 (en de verkiezingsoverwinning van bijvoorbeeld de BoerBurgerBeweging) voerden de politieke druk binnen de EVP op. “Dan is het niet meer dan logisch dat er wordt bijgestuurd, om de zwaarste kosten van het klimaatbeleid te vermijden”, zegt Delbeke.
Of Europa ook met minder wetten zijn klimaatdoelen kan bereiken, blijft moeilijk te voorspellen. Maar velen blijven overtuigd dat Von der Leyen de Green Deal nog steunt. "Ze moet meerderheden vinden en daarvoor moet ze bijsturen. Dat is ook democratie. Als je geen rekening houdt met de bezorgdheden van burgers, riskeer je dat extremere politici de macht grijpen en het klimaatbeleid helemaal verwerpen.” En dan dreigt, net als bij Trump, de sloophamer.